Naar hoofdinhoud
Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstukken 4.2 en 4.2.1 zijn ook van toepassing. Voor bushaltes gelden de volgende richtlijnen: Richtlijnen Provincie Noord-Holland ‘Haltetoegankelijkheid” CROW 233 Handboek halteplaatsen Uitgangspunten ontwerp en inrichting Code Omschrijving eis/uitgangspunt Toelichting / verwijzing 2.6-1 Bushaltes worden ontworpen en aangelegd conform de richtlijnen van de Provincie Noord-Holland (Haltetoegankelijkheid) en CROW-publicatie 233. Deze richtlijnen waarborgen de toegankelijkheid, veiligheid en comfort van bushaltes voor alle gebruikers, inclusief mensen met een beperking. De provinciale richtlijn is beschikbaar via de website van de Provincie Noord-Holland. 2.6-2 Langs de busperronband wordt een rij blokmarkering aangebracht, bestaande uit zwart en wit tegels 300x300x60mm. 2.6-3 De verharding van de haltekom wordt uitgevoerd in een combinatiedeklaag van ZOAB(Zeer Open Asfaltbeton). ZOAB biedt goede waterafvoer, rijcomfort en geluidsreductie, en is bestand tegen de belasting van zware voertuigen zoals bussen. 2.6-4 Busperronbanden worden uitgevoerd in Leicon Profil Perronband, uitvoering opgave leverancier.. 2.6-5 Perronbanden worden aangebracht met een voeg van 5 mm om schade door uitzetting of krimp te voorkomen. De voegen worden gevuld met een elastische kit conform de specificaties van de leverancier. Ter voorkoming van scheurvorming van de perronbanden. 2.6-6 Witte geleide tegels toepassen. Conform voorschriften CROW 233 of van de provincie Noord Holland. 2.6-7 De verlichting van Abri’s wordt aangesloten op de elektriciteitsvoorziening van de openbare verlichting. Dit gebeurt in overleg met de eigenaar van de Abri’s (JCDecaux).

Rechtspraak bij dit artikel