Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstukken 4.2 en 4.2.1 zijn ook van toepassing.
Verkeers- en stedenbouwkundige uitgangspunten
Code
Omschrijving eis/uitgangspunt
Toelichting / verwijzing
2.7-1
Het type verharding van parkeergelegenheid wordt afgestemd op de locatie en het verwachte gebruik.
In stedelijke gebieden of bij intensief gebruik is een stevige verharding zoals asfalt of beton gewenst.
2.7-2
Bij parkeerplaatsen met wisselend gebruik in het buitengebied wordt de verharding beperkt.
Voorbeelden zijn grasparkeren langs de kust of het toepassen van grasbetontegels bij drukkere locaties.
Grasbetontegels zijn niet van kunststof maar idealiter van beton of mogelijk ander materiaal (in overleg) dat bestand is tegen invloed van UV straling/warmte ivm brosheid en breuk van de platen.
2.7-3
Afwegen of waterdoorlatende verharding toegepast kan worden.
Waterdoorlatende verharding bevordert infiltratie van regenwater en voorkomt wateroverlast.
Uitgangspunten ontwerp en inrichting
Code
Omschrijving eis/uitgangspunt
Toelichting / verwijzing
Raakvlakken
2.7-4
Het ontwerp van parkeervakken en parkeerterreinen wordt uitgevoerd conform de geldende ASVV-richtlijnen.
2.7-5
De doorgang voor voetgangers dient gewaarborgd te zijn.
Waar nodig worden doorgangen voor voetgangers gemaakt.
2.7-6
Bij een plaatselijk parkeerverbod wordt een kruisaangebracht met wegenverf.
Het toepassen van een ‘NP’ tegel is niet toegestaan.
2.7-8
Bij parkeergelegenheden wordt afgewogen of autodeelplaatsen noodzakelijk zijn.
2.7-9
Parkeerterreinen worden minimaal verlicht
Tenzij de sociale veiligheid dit vereist. Er wordt onderscheid gemaakt in buitengebied en stedelijk gebied.
OV
2.7-10
Parkeervakken die grenzen aan een groenstrook worden voorzien van een uitstapstrook van 40cm diep.
Bij voorkeur in betontegels 40x60 cm.
2.7-11
Indien parkeervakmarkering wordt toegepast, gebeurt dit in de kleur wit. Bij elementnverharding worden betonstraatstenen in kleur wit gebruikt.
Thermoplast wordt niet toegepast op elementenverharding.
2.7-12
Het gebruik van stootbanden wordt zoveel mogelijk voorkomen.
Alleen toepassen bij parkeervakken die direct grenzen aan gevels van woningen op een afstand van minder dan 0,50m.
2.7-13
Parkeervakken in elementenverharding worden aangelegd in elleboogverband.
2.7-14
P-tegels worden uitsluitendtoepassen ter plaatse van erven.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1.5.1
Artikel 4.2.7