Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstukken 4.9 en 4.9.6 zijn ook van toepassing.
Code
Eis
Toelichting / verwijzing
9.6.2-1
Bochten bij een waterbreedte van 6,00 m niet haaks uitvoeren.
9.6.2-2
Watergangen dienen een minimale breedte van 2 meter te hebben met een talud van minimaal 1:2
Zie ook de eisen van het waterschap
9.6.2-3
De minimale waterdiepte bij sloten tussen 3 en 6 meter breed is 0,80m en de minimale waterdiepte bij sloten breder dan 6 meter is 1,00 m. Maak waar mogelijk diepere delen van minimaal 1,20 m als overwinteringsplaats voor vissen.
Maximale diepte af te stemmen op ligging zoet -zout scheiding grondwater.
9.6.2-4
Bij kruisingen met wegen op de doorvaarbare routes primair kiezen voor een brugconstructie i.p.v. een doorvaarbare duiker in verband met doorvaarbaarheid en recreatief gebruik.
9.6.2-5
Slecht te bereiken watergangen dienen een minimale breedte te hebben van 6 meter zodat deze vanaf het water onderhouden kunnen worden.
9.6.2-6
Langs een watergang een vrije schouwstrook toepassen van 4,00m breed
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1.5.1
Artikel 4.9.6.2