Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Landelijke toegankelijkheid beschermd wonen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Tilburg 2026

1.. Een inwoner kan zich voor beschermd wonen melden bij burgemeester en wethouders van iedere centrumgemeente. 2.. Artikel 2.2, vijfde lid, van de verordening is onverkort van toepassing. 3.. Elke aanvraag bij een centrumgemeente voor beschermd wonen wordt gevolgd door een onderzoek en een beslissing door de wenscentrumgemeente van de gemeentelijke regio waar de aanvrager zich wil vestigen. 4.. Elke centrumgemeente hanteert eigen toegangscriteria en beschikt over een eigen infrastructuur aan beschermd wonen en beoordeelt op basis daarvan de aanvraag. De beoordelende gemeente kan ervoor kiezen het eventuele besluit van de gemeente van herkomst van de inwoner over te nemen. 5.. Het is de combinatie van de wens van de inwoner met zorginhoudelijke criteria die de doorslag geven bij de beslissing of de centrumgemeente voor vestiging door de inwoner passend is. 6.. De beslissing van de centrumgemeente noemt en onderbouwt in ieder geval de aanbevolen zorginhoudelijke argumenten. 7.. Een onderzoek wordt binnen tweeënveertig dagen afgerond met een beslissing. 8.. Als er niet direct toegang is tot de gewenste plek, dan komt de inwoner op een wachtlijst. 9.. Als de wenscentrumgemeente positief beslist, maar de inwoner op een wachtlijst plaatst, dan moet die gemeente beslissen of overbruggingszorg noodzakelijk is. Totdat de geschikte plek beschikbaar is, levert de instelling waar de inwoner op dat moment verblijft de eventuele overbruggingszorg. De herkomstgemeente draagt zorg voor de financiering van de overbruggingszorg. Als een inwoner in een behandelsetting, zoals een zorginstelling of een forensische penitentiaire kliniek, verblijft, vindt overleg plaats over de datum van uitstroom. Als de inwoner al gebruik maakt van een plek in een voorziening voor beschermd wonen, blijft de bestaande situatie gehandhaafd tot de geschikte plek in de wensgemeente beschikbaar is. 10.. Als een inwoner uit een centrumgemeente tijdelijk, maar korter dan twaalf maanden, in een instelling in een andere centrumgemeente verblijft met daarbij de intentie dat de inwoner terugkeert naar een instelling in de eerdere centrumgemeente, dan financiert de eerdere centrumgemeente de plaats voor beschermd wonen in de andere centrumgemeente. 11.. Als uit het onderzoek door burgemeester en wethouders van de centrumgemeente volgt dat het beschermd wonen het beste in een andere wenscentrumgemeente kan plaatsvinden, of als een inwoner zelf naar zijn wenscentrumgemeente gaat, dan nemen burgemeester en wethouders van de centrumgemeente contact op met de wenscentrumgemeente. 12.. De overdracht van een inwoner vindt plaats onder regie van de centrumgemeenten. Daarbij maken de betrokken instellingen in elk geval afspraken over: de datum van de overgang, de instelling die de inwoner opneemt, en de overdracht van de persoonlijke gegevens. 13.. Eventuele verhuiskosten tussen de accommodaties voor beschermd, worden gedragen door de inwoner.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel