Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 14

De rechten van betrokkenen

Onderdeel van Beleidsregel cameratoezicht handhaving openbare orde gemeente Apeldoorn 2025

Betrokkenen die door de inzet van camera’s op beelden worden vastgelegd, beschikken over bepaalde rechten die voortvloeien uit het gebruik van camerabeelden. Het kan daarbij bijvoorbeeld gaan om een verzoek tot inzage in de beelden of een verzoek tot vernietiging daarvan. Deze rechten zijn vastgelegd in paragraaf 4 van de Wpg. Betrokkenen kunnen zich rechtstreeks wenden tot de politie met een verzoek om inzage, correctie, vernietiging of het maken van bezwaar. De politie handelt dergelijke verzoeken zelfstandig af. Indien een betrokkene een verzoek ten onrechte aan de burgemeester richt, draagt de burgemeester er zorg voor dat dit verzoek onverwijld wordt doorgeleid naar de politie, zodat het verzoek door de politie kan worden behandeld. Voor zover betrokkenen het niet eens zijn met het besluit van de burgemeester om op een specifieke locatie cameratoezicht in te stellen, kunnen zij op grond van de Algemene wet bestuursrecht bezwaar maken tegen het aanwijzingsbesluit voor het betreffende gebied. Dit bezwaar ziet uitsluitend op de bestuurlijke maatregel tot inzet van cameratoezicht, en staat los van de verwerking van de camerabeelden, waarvoor de politie verantwoordelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel