Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 2.3.2

Samenwerking als sleutel tot effectief toezicht op arbeidsmigratie

Onderdeel van Bouwsteen Huisvesting Arbeidsmigranten bij Agrarische Bedrijven 2026

Doel Het vergroten van de effectiviteit in de aanpak van de negatieve aspecten van arbeidsmigratie door intensieve samenwerking tussen alle betrokken partijen en het bevorderen van het welzijn van arbeidsmigranten. Uitgangspunten De thematiek rondom arbeidsmigratie is heel breed. Dit las u al in hoofdstuk 1. Samenwerking tussen (buur)gemeenten, provincie, ondernemers, huisvesters, maatschappelijke organisaties en politie is essentieel om de negatieve aspecten van arbeidsmigratie te bestrijden. Door een integrale aanpak waarbij ook ketenpartners zoals de Arbeidsinspectie, Belastingdienst en Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (hierna: UWV) betrokken worden, ontstaat meer inzicht in misstanden. Gezamenlijke controles en informatie-uitwisseling versterken de effectiviteit. Huisvesters leveren daarnaast een bijdrage door samenwerking in regionaal verband en door het opstellen van een Meedoenplan. Maatregelen. De samenwerking tussen politie, gemeente, maatschappelijke organisaties, huisvesters en ondernemers is structureel ingericht. De gemeente brengt in 2026 in beeld met welke partijen zij samenwerkt, welke partijen wellicht nog ontbreken en hoe meer effectief kan worden samengewerkt. Daarbij maakt de gemeente keuzes omtrent het al dan niet intensiveren van samenwerkingen; De gemeente houdt een veiligheidsoverleg met huisvesters, ondernemers, politie en het TAK-team zodat signalen vanuit de samenleving op de juiste plaats landen en te voorkomen dat deze blijven zweven; Huisvesters geven bij de aanvraag om een exploitatievergunning aan hoe zij samenwerken met collega-huisvesters in de regio en leren van elkaar via het Meedoenplan; De gemeente communiceert actief ‘best practices’ vanuit de Meedoenplannen.

Rechtspraak bij dit artikel