1.. Naast de instructies zoals opgenomen in het Bevoegdhedenregister worden ten aanzien van de uitoefening van de (onder)gemandateerde bevoegdheden de volgende algemene instructies gegeven:

  • - De uitoefening van de bevoegdheden waarvoor mandaat is verleend, geschiedt binnen de grenzen en met inachtneming van het ter zake geldende recht, specifiek met inachtneming van artikel 10:3 van de Awb.
  • - Er mag geen overschrijding plaatsvinden van de bij de Dienstverleningsovereenkomst behorende begroting;
  • - Door de gemandateerde wordt aan het ter zake bevoegde bestuursorgaan periodiek een overzicht van de krachtens (onder)mandaat genomen besluiten verstrekt;
  • - De opdrachtnemer legt verantwoording af over de uitvoering van de aan hem opgedragen taken en het gebruik van de gemandateerde bevoegdheden op de navolgende wijze:
    • - Regulier overleg tussen de (onder)gemandateerden, en;
    • - indien nodig, ad hoc overleg tussen de (onder)gemandateerden.