Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.3

De hoogte van de krediethypotheek

Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet, IOAW en IOAZ Voorne aan Zee 2026

1.. De hoogte van de krediethypotheek bedraagt de WOZ-waarde van de woning met bijbehorend erf, verminderd met de daarop rustende hypotheekschulden en het vrij te laten deel, zoals aangegeven in art. 34, lid 2 sub d, Participatiewet. Voor het vestigen van een krediethypotheek is de WOZ-waarde dan wel taxatiewaarde van de woning op het moment van aanvang bijstand bepalend. 2.. Als belanghebbende niet de middelen heeft om de kosten te voldoen die behoren bij de hypotheekvestiging zal dit ook binnen de krediethypotheek als geldlening worden verstrekt 3.. De WOZ-waarde betreft de meest recente vastgestelde waarde van de woning met bijbehorend erf. 4.. Het bedrag van de hypotheekschuld, blijkt uit de administratie van de schuldeiser. 5.. Nieuwe vaststellingen van de WOZ-waarde of nieuwe taxatiewaarden hebben geen consequenties voor een gevestigde krediethypotheek. 6.. Als belanghebbende bezwaar maakt tegen gebruik van de WOZ-waarde dan dient hij een recent taxatierapport, niet ouder dan 6 maanden, van een erkend taxateur te overleggen. Dit taxatierapport moet uitgaan van de waarde van de woning indien onbewoond en vrij van huur. Heeft belanghebbende geen recent taxatierapport dan dient hij zelf een erkend taxateur in te schakelen. De kosten zijn voor rekening van belanghebbende. 7.. Zodra de als geldlening verstrekte bijstand de hoogte van de krediethypotheek heeft bereikt, dan wordt de bijstandsverlening om niet verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel