• - Bijzondere bijstand kan worden verstrekt aan een ouder met een ten laste komend kind en voldoet aan de volgende voorwaarden:
    • - het ten laste komend kind volgt onderwijs op meer dan 10 kilometer van de woning; en
    • - het volgen van dit onderwijs is redelijkerwijs noodzakelijk.
  • - Ondersteuning in de vorm van vervoer of een vergoeding op basis van de Verordening bekostiging leerlingenvervoer wordt in ieder geval, maar niet uitsluitend, aangemerkt als passende en toereikende voorliggende voorziening.
  • - De hoogte van de bijzondere bijstand wordt per maand, gedurende de periode 1 september tot 1 juli, berekend op basis van:
    • - het reguliere openbaar vervoer tarief 2de klas voor het goedkoopst mogelijke traject; of
    • - de kortste route en een kilometervergoeding die gelijk is aan het in artikel 13a lid 4 onder e Wet op de loonbelasting genoemde bedrag.
  • - In afwijking op lid 3 wordt de vergoeding toegekend van begin schooljaar tot en met de maand waarin het ten laste komend kind 18 jaar wordt.