Geen belasting wordt geheven van percelen waarvan de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde € 40.000,00 of minder bedraagt, een en ander met uitzondering van die percelen waarvoor bij de waardebepaling met toepassing van de Uitvoeringsregeling uitgezonderde objecten Wet waardering onroerende zaken de waarde buiten aanmerking wordt gelaten. In afwijking in zoverre van het bepaalde in dit lid betreft deze vrijstelling niet die percelen die op 1 januari van het belastingjaar in aanbouw zijn, zoals bedoeld in artikel 17 lid 4 van de Wet waardering onroerende zaken, terwijl de voor het perceel vast te stellen waarde bij gereedkomen van het in aanbouw zijnde perceel het bedrag van € 40.000,00 naar verwachting zal overstijgen.
Artikel 9 Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2026
Vrijstelling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2026
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 9 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon