**1..** Bij een overtreding als bedoeld in artikel 2, artikel 2a, artikel 2b en artikel 3 wordt bij het opleggen van de bestuurlijke boete onderscheid gemaakt tussen bedrijfsmatige verhuurders en niet-bedrijfsmatige verhuurders. De bestuurlijke boete is voor bedrijfsmatige verhuurders hoger. Ook wordt de bestuurlijke boete hoger bij recidive.
**2..** Bij niet-bedrijfsmatige en bij bedrijfsmatige geconstateerde overtredingen hanteren burgemeester en wethouders de boetenormbedragen zoals opgenomen in Bijlage 1.
**3..** Ingeval van recidive worden de boetenormbedragen onder het tweede lid verhoogd met 200%.
**4..** Geconstateerde overtredingen waarvoor een bestuurlijke boete op grond van artikel 19 van de Wet is opgelegd, worden op grond van artikel 20 van de Wet door het college in beginsel openbaar gemaakt. Dit geldt ook ten aanzien van een bestuurlijke boete bij recidive.
**5..** De in dit artikel genoemde boetenormbedragen gelden voor iedere separate overtreding van de regels zoals opgenomen in artikel 2, artikel 2a, artikel 2b en artikel 3 van de Wet. Indien een verhuurder of verhuurbemiddelaar meerdere regels van de Wet overtreedt, worden de daarmee corresponderende boetebedragen gecumuleerd aan de overtreder opgelegd tot het wettelijke maximumbedrag dat in artikel 19, eerste lid van de Wet is vastgesteld.
**6..** De hoogte van de boete wordt altijd afgewogen tegen de ernst van de overtreding waarbij de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van het geval worden meegewogen.
Artikel 4
Boetenormbedragen
Onderdeel van Beleidsregel handhaving Wet goed verhuurderschap gemeente Rijswijk