Aan de havenmanager, en bij diens afwezigheid aan zijn plaatsvervanger, wordt mandaat verleend tot het uitoefenen van de volgende bevoegdheden voor zover deze verband houden met de in artikel 3 gemandateerde bevoegdheden:
het vaststellen van beleidsregels omtrent de aan hem gemandateerde bevoegdheden, welke bevoegdheid niet kan worden ondergemandateerd;
het schriftelijk ondermandateren, ondervolmachtigen en ondermachtigen van de aan hem gemandateerde, gevolmachtigde en gemachtigde bevoegdheden aan ondergeschikten of aan medewerkers van zijn organisatie, tenzij anders aangegeven;
het indienen van bedenkingen en het naar voren brengen van een zienswijze, welke bevoegdheid niet kan worden ondergemandateerd;
de actieve en passieve openbaarmaking van documenten, bedoeld in de Wet openbaarheid van bestuur, voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot zijn werkterrein;
het uitoefenen van de bevoegdheden en verplichtingen die voortvloeien uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), waar onder die in hoofdstuk III Rechten van betrokkenen;
Artikel 4
Mandaten gerelateerd aan de uitoefening van de bevoegdheden havenbeheer
Onderdeel van Besluit mandaat, volmacht en machtiging havenmeester 2026