Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Eindverantwoording subsidies van meer dan €10.000,- tot en met €50.000,-

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Midden-Delfland 2026

1.. Bij subsidies van € 10.000,- tot en met € 50.000,- dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in: in geval van een jaarsubsidie vóór 1 juli van het jaar dat volgt op het betrokken kalenderjaar; in geval van een incidentele subsidie uiterlijk 12 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn afgerond. Het termijn van 12 weken wordt geacht redelijk te zijn conform artikel 4:46 Awb. In bijzondere gevallen kan het college op schriftelijk verzoek van de subsidieontvanger dit termijn verlengen. 2.. De aanvraag tot vaststelling bevat: een inhoudelijk verslag waarin wordt aangetoond in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn uitgevoerd, welke resultaten zijn behaald en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen; een financieel verslag of jaarrekening met een overzicht van de uitgaven en inkomsten die verband houden met de gesubsidieerde activiteiten. 3.. Het college kan bij subsidieregeling nadere eisen stellen aan de inhoud en vorm van de eindverantwoording, mits deze eisen proportioneel zijn, zoals in artikel 4:37 van de Awb, in verhouding tot de hoogte van de subsidie en het doel van de gesubsidieerde activiteiten. 4.. Persoonsgegevens in verantwoordingsdocumenten worden uitsluitend verwerkt voor het vaststellen van de subsidie. De verwerking is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder e AVG (taak van algemeen belang). De gegevens worden beveiligd conform artikel 32 AVG en niet langer bewaard dan noodzakelijk, conform artikel 5, lid 1, sub e AVG (opslagbeperking). 5.. Digitale eindverantwoordingen worden ingediend via een toegankelijk platform dat voldoet aan de WCAG 2.1 AA-richtlijnen en de beveiligingseisen van de Wet digitale overheid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel