Naar hoofdinhoud

Artikel 2:

Afwegingskader gebruikelijke hulp

Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp 2025 gemeente Maashorst

Ouders/verzorgers hebben de verantwoordelijkheid om bij te dragen aan de ontwikkeling van hun kind naar zelfredzaamheid en zelfstandigheid door: Een veilige en beschermde woonomgeving: dit omvat zowel fysieke als sociale veiligheid, Een passend pedagogisch klimaat: het bieden van een stimulerende omgeving die bijdraagt aan de ontwikkeling van de jeugdige, Verzorging, begeleiding en opvoeding: dagelijkse hulp en ondersteuning die aansluit bij de levensfase van het kind. Het wordt als gebruikelijk beschouwd dat ouders hun kind de dagelijkse zorg en ondersteuning bieden die nodig is, zelfs als dit meer omvat dan wat normaal is voor kinderen van dezelfde leeftijd. Dit geldt in het bijzonder voor kinderen met een chronische aandoening, ziekte, stoornis of beperking. Aangezien ieder kind zich op een unieke manier ontwikkelt, kan de benodigde begeleiding en hulp variëren. Het uitgangspunt is dat ouders/verzorgers zoveel mogelijk de dagelijkse hulp bieden, ook als dit intensiever is dan bij gezonde kinderen in dezelfde leeftijdscategorie. Begripsbepaling gebruikelijke hulp De nadere definitie van gebruikelijke hulp als genoemd in artikel 9 lid 1 sub a van de Verordening is volgens de gemeente Maashorst de zorg die ouders/verzorgers geacht wordt te bieden die volgens algemeen aanvaardbare maatschaven redelijk is. Dit omvat specifiek de verzorging, opvoeding en het toezicht die ouders/verzorgers aan hun minderjarige kind behoren te geven, ongeacht of er sprake is van een ziekte, aandoening of beperking. Deze verwachtingen zijn in redelijkheid gebaseerd op de leeftijd van het kind en een bijpassend ontwikkelingsprofiel. Begripsbepaling bovengebruikelijke hulp Er is sprake van bovengebruikelijke hulp wanneer de noodzakelijke verzorging en hulpverlening voor een kind in langdurige situaties meer omvat dan wat een kind van dezelfde leeftijd zonder beperkingen redelijkerwijs nodig heeft. Dit betreft de aard, frequentie en benodigde tijd voor de handelingen. Het college kan in beleidsregels niet exact vaststellen hoeveel hulp gebruikelijk is; dit moet beoordeeld worden op basis van de individuele omstandigheden van elk kind.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel