Bij een hulpvraag van een jeugdige in het kader van bovengebruikelijke hulp wordt eerst een vooronderzoek gedaan en een gesprek gevoerd. Hierbij wordt gekeken naar de achtergrond van de hulpvraag, de eigen mogelijkheden, het sociaal netwerk en algemeen gebruikelijke/voorliggende voorzieningen. Als de hulpvraag hiermee niet opgelost kan worden, wordt het onderzoek naar en de beoordeling van gebruikelijke hulp voortgezet. Of er sprake is van gebruikelijke hulp, wordt bepaald aan de hand van enkele aspecten:
Richtlijnen en beoordelingsfactoren voor gebruikelijke hulp
Het vermogen van de ouder/verzorger om de noodzakelijke hulp te bieden
Samenhangende beoordeling
Artikel 3.
Onderzoek en beoordeling gebruikelijke hulp
Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp 2025 gemeente Maashorst