**1..** Het college verhaalt de kosten van de bijstand overeenkomstig de rechterlijke uitspraak in de zin van artikel 62b P-wet, indien de onderhoudsplichtige niet aan de uitvoerbare rechterlijke uitspraak voldoet, als overdracht naar LBIO niet meer mogelijk is.
**2..** Bij het ontbreken van een uitvoerbare rechterlijke uitspraak wordt de verhaalbijdrage vastgesteld aan de hand van de draagkracht van de onderhoudsplichtige en de behoefte van de onderhoudsgerechtigde (incl. de kinderen), waarbij de laagste van deze twee bedragen leidend is. Het college stelt de draagkracht van de onderhoudsplichtige vast conform de zogeheten TREMA-normen, zoals gepubliceerd in het Tijdschrift voor Rechterlijke Macht.
**3..** Het college stelt de draagkracht vast op basis van door de onderhoudsplichtige ingediende bewijsstukken over de financiële situatie.
**4..** De onderhoudsplichtige wordt aangeschreven om bewijsstukken aan te leveren. Wanneer er geen bewijsstukken worden aangeleverd, wordt gebruik gemaakt van de gegevens zoals opgenomen in SUWI.
**5..** Eerdere afspraken die zijn gemaakt tussen de onderhoudsgerechtigde en de onderhoudsplichtigen - zoals een convenant - hoeven door het college niet te worden meegewogen in het besluit.
**6..** Wanneer in het geheel geen inkomsten van onderhoudsplichtige bekend zijn, wordt ambtshalve de netto maandelijks aan onderhoudsgerechtigde verstrekte bijstand als onderhoudsverplichting opgelegd.
**7..** Een opgelegde onderhoudsverplichting gaat in per datum eerste aanschrijving.
Hoofdstuk 6: › Paragraaf 6.4:
Artikel 6:13:
Vaststelling verhaalsbijdrage
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz