De maatschappelijke context waarin zich het jeugdbeleid in Nederland (en ook in de Kempen) aftekent is van belang om te benoemen. Een aantal belangrijke ontwikkelingen (niet uitputtend) in deze maatschappelijke context zijn o.a. de oorlogen in Oekraïne en Israël, digitalisering van de samenleving, het vertrouwen in de overheid, sociale media, onzekerheid continuïteit in het verenigingsleven, de wooncrisis en groeiende prestatiedruk. Daarnaast brengt de schaalsprong in de regio Zuidoost-Brabant een toename in aantallen inwoners en diverse doelgroepen zoals statushouders, expats en arbeidsmigranten. Door deze verschillende maatschappelijke ontwikkelingen neemt de druk op de (lokale) samenleving toe. Tegelijk zien we een toenemend gebruik van jeugdhulp in Nederland.

Het Nederlands Jeugd instituut (NJI) stelt: “Het gebruik van jeugdhulp is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Bij het NJI zien we dat als een symptoom van een diepere maatschappelijke ontwikkeling: een uiting van vervreemding en fragmentatie bij opgroeien en opvoeden. Dit zien we niet alleen in Nederland, maar in de hele Westerse wereld.’’ Het idee dat kinderen opgroeien in een community, waar mensen het samen doen, verandert steeds meer in een individuele opgave; voor zowel ouders als kinderen zelf. Dat is problematisch, want opgroeien doe je met anderen. De kwaliteit van relaties en verbinding is voor bepaalde mate bepalend voor de mate waarin jongeren zich kunnen ontplooien. Het logische gevolg van de individualisering is een steeds grotere roep om professionele hulp wat vraagt om de beweging van individueel naar collectief.