Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 16

Algemene voorwaarden

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Eemsdelta 2026

Reiskosten behoren tot de algemene noodzakelijke kosten van het bestaan. De inwoner wordt geacht deze kosten uit het inkomen ter hoogte van de bijstandsnorm te kunnen bekostigen. Om die reden bestaat voor deze kosten als uitgangspunt geen recht op bijzondere bijstand. Alleen als er sprake is van noodzakelijke reiskosten als gevolg van bijzondere omstandigheden, kan er recht op bijzondere bijstand bestaan. Wanneer de enkele reisafstand niet meer dan 10 kilometer is, komen de reiskosten in principe niet voor vergoeding in aanmerking. Dit geldt ook voor de reisafstand van de woning van de aanvrager naar het bus– of treinstation als er wordt gereisd met het openbaar vervoer. Voor vergoeding van de reiskosten wordt uitgegaan van de goedkoopste wijze van reizen met het openbaar vervoer. Alleen als het openbaar vervoer geen redelijk alternatief is of het reizen met eigen vervoer goedkoper is, kan er ook bijstand verstrekt worden in de vorm van een kilometervergoeding en voor de eventuele parkeerkosten. Voor de vaststelling van de hoogte van de kilometervergoeding wordt aansluiting gezocht bij de maximale onbelaste reiskostenvergoeding, zoals deze door de belastingdienst wordt gehanteerd. Voor het berekenen van de route wordt gebruik gemaakt van de kortste route van de ANWB-routeplanner. Voor inwoners die in aanmerking komen voor een vervoerspas (Meedoen Pas) geldt dat, als de vervoerspas (gedeeltelijk) kan worden gebruikt, er geen of slechts aanvullend recht op bijzondere bijstand voor reiskosten bestaat. Reiskosten buiten Nederland komen niet voor bijzondere bijstand in aanmerking.

Rechtspraak bij dit artikel