De jongere van 18 tot en met 20 jaar die in een inrichting verblijft is op grond van artikel 13, lid 2 onder a van de wet, uitgesloten van het recht op algemene bijstand. Aan de jongere die in een inrichting verblijft en geen beroep kan doen op de onderhoudsplicht jegens zijn ouders, kan bijzondere bijstand worden verleend.
De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan de norm die geldt voor een alleenstaande van 21 jaar of ouder als vermeld in artikel 23 lid 1 en 2 van de wet.
Hoofdstuk 7
Artikel 24
Hoogte bijzondere bijstand 18 t/m 20-jarigen in een inrichting
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Eemsdelta 2026