Met de Europese AVG wetgeving wordt vanaf 2018 beoogd persoonsgegevens van natuurlijke personen en de verwerking daarvan te beschermen. De AVG geldt echter niet voor de verwerking van gegevens in het kader van de opsporing en vervolging van strafbare feiten. Hiervoor geldt de Europese Richtlijn 2016/680. Deze richtlijn is door vertaald naar nationale wetgeving, de Wet politiegegevens (Wpg). Een Boa kan naast (persoons-)gegevens die voortvloeien uit zijn strafrechtelijke bevoegdheden als buitengewoon opsporingsambtenaar ook te maken krijgen met (persoons-)gegevens die voortvloeien uit zijn bestuursrechtelijke toezichthouder (Awb) bevoegdheden. In het laatste geval vallen deze gegevens onder het regime van de AVG. Kortom, de Boa draagt hiermee ‘twee petten’.