De inwoner doet zelf de huishoudelijk taken binnen zijn/haar mogelijkheden. Dit kunnen ook deeltaken zijn. Ook onderzoekt het college of de huishoudelijke taken anders ingericht of uitgevoerd kunnen worden. Bijvoorbeeld door de wasmachine op een geschiktere plaats neer te zetten, een extra stofzuiger neer te zetten op de bovenverdieping, ergonomische hulpmiddelen te gebruiken bij het schoonmaken, een robotstofzuiger te gebruiken of door borden laag in de kastjes te zetten.
Als het college beoordeelt of iemand in aanmerking komt voor hulp vanuit de Wmo 2015, dan houdt het hier rekening mee.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3.1
Uitgangspunten eigen kracht bij het huishouden
Onderdeel van Beleidsregels voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) en de Verordening Wmo 2025 Laren