**1..** Het college zendt een ingediend verzoek door aan het bestuursorgaan dat bevoegd is om op het verzoek te reageren en informeert de indiener hierover.
**2..** Als de gemeenteraad op het verzoek moet reageren, bereidt het college de reactie op het verzoek voor.
**3..** Het bestuursorgaan wijst een verzoek af als:
- - het verzoek niet voldoet aan de vereisten zoals aangegeven in artikel 3 van deze verordening.
- - het verzoek gaat over een taak, waarvan de aard zich tegen toepassing van overheidsparticipatie verzet;
- - het verzoek in strijd is met door de gemeente vastgesteld beleid;
- - het verzoek niet voldoet aan de in artikel 10, tweede lid gestelde eisen.
- - het bestuursorgaan van oordeel is dat de taak met de overheidsparticipatie niet beter wordt uitgevoerd of de kosten hoger zijn;
- - de opdrachtwaarde boven de Europese drempelwaarde als bedoeld in paragraaf 2.1.1.1 van de Aanbestedingswet 2012 uitkomt.
**4..** Het bestuursorgaan reageert binnen zes weken op het verzoek.
**5..** Het bestuursorgaan kan deze termijn met vier weken verdagen, of met tien weken in het geval dat een verzoek wordt ingediend binnen vier weken voor aanvang van het zomerreces.
**6..** Het bestuursorgaan onderbouwt de reactie op het verzoek en maakt de reactie en de onderbouwing binnen twee weken openbaar.
**7..** Bij een afwijzing is het bestuursorgaan gehouden aan de motiveringsplicht zoals opgenomen in art. 3:46 Awb.