**1..** Het college kan aan de ouder woonachtig in Soest, een tegemoetkoming als aanvulling op de kinderopvangtoeslag verstrekken. Alvorens bijstand toe te kennen wordt onderzocht of gebruik kan worden gemaakt van een voorliggende voorziening; te denken valt aan kinderopvang op basis van een sociaal medische indicatie (smi) of VVE.
**2..** De ouder die in aanmerking komt voor een tegemoetkoming als aanvulling op de kinderopvangtoeslag, wordt als volgt aangemerkt:
Een ouder met een uitkering op grond van de Participatiewet (Pw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (IOAW) of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), die een gemeentelijk traject gericht op arbeidsinschakeling volgt, als bedoeld in artikel 1.6 lid c van de Wet kinderopvang en die kosten voor kinderopvang maakt.
Een ouder met een uitkering op grond van de Participatiewet (Pw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (IOAW) of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), die een verplichte inburgeringscursus op grond van artikel 3 van de Wet inburgering 2021 volgt en die kosten voor kinderopvang maakt.
**3..** In aanvulling op het tweede lid is vereist dat de ouder gebruikmaakt van een geregistreerde kinderopvang of een geregistreerde voorziening voor gastouderopvang.
**4..** Op de maximale hoogte van de tegemoetkoming aan een ouder, als bedoeld in dit artikel, is artikel 1.13 van de Wet kinderopvang van toepassing.
**5..** Bij de berekening van de tegemoetkoming wordt uitgegaan van de uurprijs die wordt gehanteerd door de kinderopvangorganisatie.
**6..** De tegemoetkoming wordt toegekend zolang het gemeentelijke traject of de verplichte inburgeringscursus, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel, duurt.
Hoofdstuk 3.
Artikel 15
Tegemoetkoming kosten Kinderopvang
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2026 gemeente Soest