Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.4.2

Draagkracht

Onderdeel van Beleidsregels Sociaal Domein 2026

We verstrekken bijzondere bijstand na aftrek van de draagkracht. U heeft geen draagkracht als u op maandbasis een netto-inkomen heeft tot 110% van de geldende bijstandsnorm (exclusief vakantiegeld) en geen vermogen heeft boven de geldende vermogensgrens. We gaan uit van volledige draagkracht als u een inkomen heeft dat hoger is dan 110% van de geldende bijstandsnorm. Als uw vermogen hoger is dan de voor u geldende vermogensgrens moet u eerst gebruik maken van dat deel boven die grens. In afzonderlijke regelingen en/of kostensoorten kunnen we afwijkende draagkrachtregels toepassen. We stellen de draagkracht steeds voor een periode van één jaar vast en deze begint op de eerste dag van de maand waarin de kosten zijn gemaakt. Alleen voor de doelgroepen pensioengerechtigden, bijstandsgerechtigden en mensen die in de Wajong zitten kan de draagkracht voor een periode van maximaal drie jaar worden vastgesteld. In afwijking van het zesde lid kunnen we de draagkracht opnieuw berekenen over het resterende deel van de draagkrachtperiode. Dit kan als er in de loop van de vastgestelde draagkrachtperiode een belangrijke ontwikkeling is waar we rekening mee moeten houden. Voorbeelden hiervan zijn het wegvallen of het ontstaan van inkomsten. Bij elke volgende aanvraag binnen de draagkrachtperiode houden we rekening met de vastgestelde draagkracht; de vastgestelde ruimte blijft dus gelden. We houden bij het bepalen van de draagkracht rekening met de eigen bijdrage Wlz.

Rechtspraak bij dit artikel