Woonkostentoeslag bij een huurwoning
De Wet op de huurtoeslag geldt als voorliggende voorziening.
Als uw woonkosten boven de maximale rekenhuurgrens van de Belastingdienst liggen, kunnen we voor de duur van maximaal een jaar een woonkostentoeslag toekennen voor het ongesubsidieerde deel.
Voor het bepalen van de hoogte van de toeslag sluiten we aan bij het middensegment uit de Wet betaalbare huur. Dit is een huurcategorie met prijzen tussen sociale huur en vrije sector huur. We geven een voorbeeld gebaseerd op 2025: het gaat om woningen met een huurprijs die hoger is dan € 923,93 en niet hoger dan € 1.228,07 per maand. Uw toeslag zal dan maximaal € 304,14 zijn.
Bij de bepaling of u in aanmerking komt voor woonkostentoeslag kijken we of u de situatie had kunnen verwachten, of u vermogen heeft of had kunnen sparen.
Bij toekenning van de toeslag leggen wij u de verplichting op, dat u er alles aan doet om goedkopere woonruimte krijgen.
De woonkostentoeslag is niet van toepassing op nieuwe situaties.
We verlengen de woonkostentoeslag met een jaar, als u voldoende uw best heeft gedaan, maar het is u niet gelukt goedkopere woonruimte te vinden.
We stellen uw draagkracht vast op al het meerdere inkomen boven de voor u geldende bijstandsnorm. Dit wijkt af van artikel 7.4.2, lid 3 van deze beleidsregel.
Als wij vinden dat u zich niet voldoende heeft ingespannen om passende woonruimte te krijgen, kunnen we de woonkostentoeslag stopzetten of niet meer verlengen.
We verwachten in ieder geval dat u:
ingeschreven staat als woningzoekende;
snel reageert op elke beschikbare woning met een huur lager dan de rekenhuurgrens.
Woonkostentoeslagbijeeneigenwoning
We kunnen een woonkostentoeslag toekennen als u een eigen huis heeft.
Tot de woonkosten worden gerekend:
de hypotheekrente;
het eigenaarsdeel onroerendzaakbelasting;
de premie voor de opstalverzekering;
de erfpachtcanon;
de omslagheffing voor huiseigenaren (waterschapslasten);
Als de inwoner een woonkostentoeslag ontvangt en later over dezelfde periode een teruggave van de Belastingdienst ontvangt, bepalen wij welk bedrag u terug moet betalen. De hoogte is maximaal het bedrag van de teruggave van de Belastingdienst.
We stellen uw draagkracht vast op al het meerdere inkomen boven de voor u geldende bijstandsnorm. Dit wijkt af van artikel 7.4.2, lid 3 van deze beleidsregel.
Als het mogelijk is moet u eerst gebruik maken van een voorliggende voorziening zoals de nationale hypotheekgarantie en de hypotheekrenteaftrek.
We gebruiken de rekentool van de Belastingdienst voor het berekenen van de woonkostentoeslag.
We gaan ervan uit dat u uit uw inkomen de woonkosten tot de basishuur kunt betalen. Als uw woonlasten lager zijn dan het bedrag van de basishuur, heeft u geen recht op woonkostentoeslag.
We verstrekken de woonkostentoeslag voor een periode van maximaal één jaar.
Bij de toekenning van de toeslag leggen wij u de verplichting op, dat u er alles aan doet om goedkopere woonruimte te krijgen.
De woonkostentoeslag is niet van toepassing op nieuwe situaties.
We verlengen de woonkostentoeslag met een jaar, als u voldoende uw best heeft gedaan, maar er niet in bent geslaagd goedkopere woonruimte te vinden.
We verwachten in ieder geval dat u:
een makelaar heeft ingeschakeld;
uw woning via een advertentie te koop aanbiedt, bijvoorbeeld op een vrij toegankelijke website voor het aanbieden van koopwoningen;
actief op zoek bent naar nieuwe woonruimte. U moet dit kunnen laten zien;
een reële prijs vraagt.
Wij vinden uw inspanning in ieder geval onvoldoende als u:
alleen een makelaar heeft ingeschakeld, maar deze makelaar niet actief voor u aan de slag gaat;
een bod weigert, ook al is dit bod lager dan de vraagprijs;
de vraagprijs niet naar beneden bijstelt;
een goedkopere beschikbare woning weigert.