**1..** Het college zorgt voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van voorzieningen. Dit doet het college door een redelijk tarief te bepalen bij de inkoop.
**2..** Het redelijk tarief wordt bepaald door markt- en/of tarievenonderzoek of in overleg met de mogelijke aanbieder(s).
**3..** Bij de inkoop van een voorziening stelt het college, voor zover relevant, vast:
het tarief van het product en de installatie en het onderhoud ervan;
het tarief van de dienst per minuut, uur, dagdeel, etmaal, traject groep of locatie;
het tarief voor de beschikbaarheid van de dienstverlening;
een methode voor het bepalen van het tarief per locatie, groep of dienstverlening;
de methode om het tarief periodiek te indexeren;
de mogelijkheden om een reëel tarief te herzien voor een actuele opdracht vanwege een ontwikkeling in kostprijselementen;
de mogelijkheden om het tarief voor een aanbieder te verlagen wanneer hij niet voldoet aan de contractuele eisen.
**4..** Bij het vaststellen van het tarief voor het leveren van een voorziening houdt het college ieder geval rekening met de kosten verbonden aan:
kosten voor materialen
kosten voor productieve uren van het benodigde personeel
kosten voor niet-productieve uren van het personeel vanwege verlof, ziekte, scholing en werkoverleg;
redelijke overheadkosten;
kosten voor indexering.
**5..** Het college spreekt met aanbieders af dat het verlenen van voorzieningen alleen uitbesteed mag worden aan een onderaannemer als zij die onderaannemer een reële prijs betalen.
**6..** In afwijking van lid 4, wordt het tarief voor woningaanpassingen vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in een aan het college overlegde offerte, voor zover deze voldoet aan de eisen bepaald in het onderzoek.
**7..** Het college kan nadere regels opstellen voor de invulling van dit artikel en de wijze waarop deze worden gewogen.
**8..** Het college kan de reële prijs buiten beschouwing laten. Dit kan alleen wanneer bij de inschrijving op de aanbesteding een prijs voor de dienst te vragen die gebaseerd is op het bepaalde in lid 2 en 3 van dit artikel. Het college legt hierover verantwoording af aan de gemeenteraad.
Hoofdstuk 6.
Artikel 28.
Verhouding prijs en kwaliteit levering voorzieningen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Heumen 2026