**1..** Het college verleent een vergunning voor gevel- en eilandterrassen die voor de gevel van het bijbehorende bedrijfspand worden geplaatst.
**2..** Het college kan in afwijking van het eerste lid een vergunning verlenen voor het plaatsen van een terras voor maximaal één aangrenzende gevel van een naastgelegen bedrijfspand indien:
er niet of nauwelijks direct aan en voor de gevel van het bedrijfspand van de vergunningaanvrager een terras kan worden geplaatst;
openbare functies, openbare voorzieningen, straatmeubilair en brandweervoorzieningen niet worden gehinderd;
het terras niet in groenvoorzieningen ligt;
er voldoende ruimte is voor voetgangers, fietsers, laden en lossen en nood- en hulpdiensten; en
er geen sprake is van verankerde objecten, die niet voor de eigen gevel liggen, zoals parasols, zonneschermen of terrasafscheidingen.
**3..** Het college verleent een vergunning voor het plaatsen van terrasafscheidingen bij een gevelterras indien:
de terrasafscheidingen haaks op de gevel in een rechte lijn tegen de gevel van het bijbehorende bedrijfspand worden geplaatst, maximaal 1,80 m hoog zijn gemeten vanaf het maaiveld en vanaf 1,00 m volledig transparant zijn; of
de terrasafscheidingen parallel aan de gevel in een rechte lijn van het bijbehorende bedrijfspand worden geplaatst en maximaal de helft van de breedte van het terras zijn, maximaal 1,50 m hoog zijn gemeten vanaf het maaiveld en volledig transparant zijn.
**4..** Het college verleent een vergunning voor het plaatsen van terrasafscheidingen bij een solitair eilandterras indien:
bij een eilandterras sprake is van een met windhinderrapport aangetoonde ernstige windhinder;
de schotten vanaf de grond gemeten maximaal 1,50 m hoog zijn;
de schotten volledig transparant zijn en blijven; en
de schotten niet in de straat of aan de wegverharding worden bevestigd.
Hoofdstuk 3
Artikel 3:1
Vergunning voor een gevel- of eilandterras
Onderdeel van Beleidsregel vergunningverlening terrassen Den Haag 2026