Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 10:

Verstrekken van een maatwerkvoorziening

Onderdeel van Integrale Verordening Sociaal Domein Zuidplas 2026

1.. Het college besluit een maatwerkvoorziening te verstrekken voor zover in het ondersteuningsplan wordt aangegeven dat de inwoner: op eigen kracht met gebruikelijke hulp, of met zijn sociaal netwerk geen oplossing voor zijn hulpvraag kan vinden, en geen oplossing kan vinden voor zijn hulpvraag door, al dan niet gedeeltelijk, gebruik te maken van een algemene voorziening, en met deze voorziening naar het oordeel van het college zelfredzaam wordt of kan participeren, en geen gebruik kan maken van een voorziening die algemeen gebruikelijk of voorliggend is. 2.. Het college houdt bij het bepalen welke voorziening en/of ondersteuning het meest doelmatig, adequaat en toereikend is, rekening met de omstandigheden, behoeften en (functionele) mogelijkheden van een inwoner. 3.. Als meerdere voorzieningen als passend aan te merken zijn, verstrekt het college de goedkoopst adequate, tijdig beschikbare voorziening. 4.. Een maatwerkvoorziening wordt toegekend als de inzet van de voorziening doeltreffend geacht kan worden. De doeltreffendheid beoordeelt het college door vast te stellen of de individuele voorziening wezenlijk bijdraagt aan het oplossen van de hulpvraag en (waar beschikbaar) wordt gewerkt met een bewezen effectieve interventie en nooit met een bewezen niet effectieve interventie. 5.. Voor bepaalde voorzieningen kunnen aanvullende criteria van kracht zijn. Deze staan genoemd in hoofdstuk 3 van deze verordening. 6.. De maatwerkvoorziening kan worden verstrekt in natura of als persoonsgebonden budget.

Rechtspraak bij dit artikel