**1..** Het college beoordeelt de aanvraag van een pgb aan de hand van het pgb-plan, bedoeld in artikel 27, vierde lid.
**2..** Een aanvraag voor een pgb kan worden geweigerd indien:
de inwoner geen pgb-plan aanlevert;
de inwoner niet voldoet aan de gestelde voorwaarden in artikel 2.3.6, tweede lid, van de Wmo 2015 en artikel 8.1.1, tweede lid, van de Jeugdwet;
de inwoner of vertegenwoordiger niet beschikt over de kennis en vaardigheden die nodig zijn om een pgb goed te beheren;
er sprake is van, na hoor en wederhoor te hebben toegepast, aantoonbaar en intentioneel begane fraude door de inwoner of vertegenwoordiger in de vier jaar voorafgaand aan de aanvraag;
de vertegenwoordiger ook de uitvoerder van de ondersteuning is, of op een andere manier betrokken is bij de uitvoerende organisatie, bijvoorbeeld als directeur of bestuurder;
er sprake is van ondersteuning in een spoedeisende situatie, zoals bedoeld in artikel 2.3.3 van de Wmo 2015;
de inwoner of diens vertegenwoordiger een bespreking van pgb-plan weigert of zonder geldige reden niet verschijnt bij gesprek;
de ondersteuning die de inwoner wil inkopen niet voldoet aan de bij het pgb-plan behorende kwaliteitseisen.
**3..** Een pgb voor Jeugdhulp wordt verstrekt als wordt voldaan aan de eisen zoals opgenomen in artikel 8.1.1, tweede lid, van de Jeugdwet. Het gaat om de volgende eisen:
jeugdige en diens ouders zijn naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake, dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger, in staat de aan een pgb verbonden taken op een verantwoorde manier uit te voeren;
jeugdige en diens ouders zich gemotiveerd op het standpunt stellen dat die het gecontracteerde aanbod niet passend acht; en
gewaarborgd is dat de jeugdhulp van goede kwaliteit is.
HOOFDSTUK 8
Artikel 28.
Beoordeling pgb-aanvraag
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Gouda 2026