Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 4.

Kaders begroting en meerjarenraming

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Wijk bij Duurstede 2026

1.. Het college biedt jaarlijks uiterlijk voor 15 juli ter besluitvorming aan de raad een kadernota / kaderbrief aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De kaderbrief is hierbij een actualisatie van het vastgestelde beleid en de financiële kaders. 2.. De uitgangspunten voor de indexpercentages zijn als volgt: Het PBBP (prijs bruto binnenlands product) geldt als grondslag voor de indexatie. Deze wordt gepubliceerd in de Macro economische verkenning augustus (MEV). Voor de lonen wordt het percentage uit de betreffende CAO gehanteerd. Als de CAO nog niet bekend is voor begrotingsjaar dan wordt het PBBP gehanteerd. Voor de kosten WMO en Jeugdzorg wordt het door de Nza gepubliceerde verwachte OVA tarief (overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling) gehanteerd, conform de indexatie zoals die in de regiocontracten voor de WMO en jeugdzorg is afgesproken. 3.. In de begroting wordt een post onvoorzien opgenomen, dit bedrag betreft 75.000 euro. 4.. Jaarlijks wordt met de begroting het percentage van de omslagrente (=rekenrente) voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa vastgesteld. Het percentage van deze omslagrente wordt berekend door de werkelijke aan de taakvelden toe te rekenen rente (in euro’s) te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa + voorraad gronden die integraal zijn gefinancierd, verminderd met de rentekosten en rentebaten van projectfinanciering. Het bij de begroting gecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond.

Rechtspraak bij dit artikel