**1..** De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting per programma de baten, lasten, toevoegingen en onttrekkingen uit de reserves voor het volgende begrotingsjaar en stelt de meerjarenraming vast.
**2..** De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de uitbreidings- en vervangingsinvesteringen, tenzij deze investering al via een eerder raadsvoorstel is geautoriseerd.
**3..** Het college informeert de raad als zij verwachten dat de lasten van een programma, de geautoriseerde lasten dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het geautoriseerde investeringskrediet dreigen te overschrijden, of de baten van een programma de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden. De raad geeft aan of hij een voorstel wil voor het wijzigen van de geautoriseerde lasten van het programma, voor het wijzigen van het geautoriseerde investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid.
**4..** Bij de behandeling van de tussentijdse rapportage in de raad bedoeld in artikel 6, eerste lid, doet het college voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten, reserves, het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten en het bijstellen van het beleid. In geval van investeringen met een meerjarig karakter doet het college indien nodig ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten.
**5..** Voor een investering waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor.
**6..** In een investeringsvoorstel staat in ieder geval:
het investeringsbedrag;
de risico beoordeling;
de gehanteerde rekenrente;
de raming en dekking van de kapitaallasten ;
de wijze van financiering bij een bedrag > € 500.000,-;
de termijn waarbinnen de financiering wordt afgesloten;
de periode van financiering;
de afschrijvingstermijn;
en de verwachte opleverdatum/jaar.
**7..** Uiterlijk één jaar na gereedkomen/in gebruik name van de investering wordt het investeringskrediet afgesloten.
**8..** Het niet bestede deel van afgesloten kredieten valt vrij. De kapitaallasten uit de niet bestede kredieten worden verwerkt in het volgende begrotingsvoorstel. Indien projecten van het BKP en GVVP niet gestart zijn en niet meer doorgaan dan valt het toegewezen budget voor dat project terug in het totaal krediet BKP en GVVP.
**9..** Niet gereed gekomen in gebruik genomen investeringen worden uiterlijk binnen één jaar na het vastgestelde opleveringsjaar aan het college voorgelegd om te worden afgesloten of bij akkoord met 1 jaar verlengd.
**10..** Als blijkt dat een geplande (vervangings-) investering uitgesteld wordt, kan het krediet worden doorgeschoven. Dit wordt bij kadernota, begroting, jaarrekening of bestuurlijke rapportage aan de raad gemeld. De kapitaallasten uit de niet bestede kredieten worden verwerkt in het volgende begrotingsvoorstel.
**11..** Het college biedt de raad mimimaal eens in de 4 jaar een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt in ieder geval:
de vorming en besteding van reserves;
de vorming en besteding van voorzieningen;
bij welke specifiek benoemde taakvelden het verschil tussen het geraamde saldo van baten en lasten en het gerealiseerde saldo van baten en lasten mogen worden verrekend met een daartoe in het leven geroepen reserve.
Indien er tussentijdse wijzigingen (nieuwe reserves of vervallen reserves) zijn dan dient dit in de besluitvorming van de begroting en/of jaarrekening opgenomen te worden.
**12..** Jaarlijks biedt het college de raad de actuele stand van de reserves en voorzieningen aan. Deze zijn opgenomen in de jaarrekening.
Hoofdstuk 2.
Artikel 5.
Autorisatie begroting, investeringskredieten en reserves
Onderdeel van Financiële verordening gemeente Wijk bij Duurstede 2026