Gebouwen in of aan een groene ruimte en met een goede aansluiting op de buurt
- - De bestaande en nieuwe gebouwen in het Van der Palmgebied hebben de architectonische karakteristiek van objecten in en aan een groene ruimte. Nieuwe gebouwen kennen een compacte volume-opbouw.
- - De architectuur van de nieuwbouw voegt zich naar de ruimtelijke structuur van het gebied. Dit betekent een formeel karakter aan de zijde van de Rembrandtlaan, de Vondellaan en het Vondelpark. Aan de zijde van de centrale loper kent de nieuwbouw een meer uitnodigend karakter. Subtiele verschillen in de gevel dragen bij aan het groene en formele karakter van de Rembrandtlaan. Aan de zijde van de Vondellaan zijn de gebouwen sterk geleed om zo de ontstane buitenruimte als groene ruimte te verankeren in het lineaire, groene karakter van de Vondellaan. Aan de centrale loper voegt de bebouwing zich naar de voetgangerszone met (sub-)entreegebieden voor de diverse programma-onderdelen.
- - De afzonderlijke gebouwen hebben een alzijdige en representatieve uitstraling naar de omliggende hoofdstructuur. Dit houdt onder meer in dat geheel gesloten gevels zoveel mogelijk worden vermeden.
- - De hoeken van het plangebied bieden ruimte voor een verbijzondering. De Bethlehemkerk is zo’n markante hoek binnen het plangebied. De nieuwbouw aan het Vondelpark geeft bijvoorbeeld aanleiding om de hoek van de nieuwe school te verbijzonderen.
- - Aan de centrale groene loper zijn subtiele accenten mogelijk, zoals bijvoorbeeld een (kleine) sprong in de rooilijn, een groene gevel of een bijzondere detaillering van de gevel.
- - De (hoofd)entrees zijn zichtbaar en liggen herkenbaar aan de hoofdstructuur. De plaatsing van de (hoofd)entrees is cruciaal voor de logistiek vanuit aanloop- en fietsroutes uit de omgeving. Maar ook voor de samenhang van de verschillende bouwvolumes en interne functies.
- - Omdat het binnenterrein van het Willem de Zwijgercollege niet openbaar is en buiten schooltijd wordt afgesloten dient de toe te passen afscheiding qua kleur en transparantie zorgvuldig te worden ingepast in de groene randen van de kavel.
- - Losse programma-onderdelen zoals een (buiten) berging of een gebouwde fietsenstalling worden integraal opgenomen in het hoofdvolume tenzij er vanuit functionaliteit een noodzaak bestaat om een los bijgebouw te maken. In dat geval dient het bijgebouw onderschikt te zijn aan de hoofdvolumes en zorgvuldig te worden ontworpen en gepositioneerd.
Kernwaarde 1. Compacte gebouwen in een groene ruimte
Kernwaarde 2. Zorgvuldige inpassing in ruimtelijke structuur
Kernwaarde 3. Alzijdige en representatieve uitstraling
Kernwaarde 4. Markante hoeken
Kernwaarde 5. Subtiele verschillen in de rooilijn
Kernwaarde 6. Hoofdentrees zijn zichtbaar en herkenbaar aan de hoofdstructuur