Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2

Artikel 3.2.5

Toezicht (sloop)asbest

Onderdeel van Nota Advisering, Uitvoering (regulering en toezicht) en Handhaving 2025

De controlefrequentie van toezicht op asbestsanering en sloopwerkzaamheden is afgestemd op het risico. De hoogste prioriteit ligt bij sloopwerkzaamheden waarbij asbestverwijdering en bouwkundige sloop gecombineerd worden. Toezicht op deze sloopplannen krijgt daarom voorrang. Ook asbestsaneringsplannen zonder bouwkundige sloop krijgen aandacht, zij het met een lagere prioriteit. De laagste controlefrequentie geldt voor asbestverwijdering in het kader van regulier onderhoud, zoals mutatieonderhoud in de sociale woningbouw. De specifieke invulling van deze toezichtstrategie wordt uitgewerkt in de jaarlijkse programma’s per opdrachtgever. Voor de uitvoering van toezicht op de sloopfase vindt afstemming plaats met de gemeenten met betrekking tot monumenten, beschermd stadsgezicht en ruimtelijke ordening. Toezicht op asbestverwijdering wordt uitgevoerd volgens de landelijke richtlijnen en de ketenaanpak, zoals vastgelegd in het Handboek ketentoezicht asbest en bouw- en sloopafval. De controle wordt ingepland op basis van de ISZW-startmelding. Bij risicogestuurd toezicht worden niet alle asbestverwijderingen bezocht; in plaats daarvan wordt een steekproef genomen op basis van een aantal risicofactoren. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd: Risicoklasse 1: In 10% van de saneringen wordt toezicht gehouden, met nadruk op bedrijven waarbij twijfel bestaat over de juiste risicoklasse. Risicoklasse 2: In 25% van de saneringen wordt toezicht gehouden. Indien de sanering wordt uitgevoerd door een bedrijf dat voorkomt op de lijst van aandachtbedrijven van Inspectie Asbest Alert (IAA), vindt altijd controle plaats. Risicoklasse 2a: Alle saneringen in deze klasse worden gecontroleerd. Op basis van deze risicoweging wordt ongeveer 25% van de asbestverwijderingen gecontroleerd, in lijn met andere omgevingsdiensten in de regio.

Rechtspraak bij dit artikel