Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Artikel 3.1

Onderdeel van Gedragscode integriteit gemeenteraad Houten 2026

We vervullen geen nevenfuncties die wettelijk onverenigbaar zijn met het raadslidmaatschap. We vervullen geen nevenfuncties waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van het raadslidmaatschap. Bij twijfel over de gepastheid van een nevenfunctie overleggen we met de burgemeester of de griffier. De Gemeentewet somt op welke functies niet gecombineerd kunnen worden met het raadslidmaatschap (artikel 13 Gemeentewet). Een raadslid dat een onverenigbare betrekking vervult houdt op raadslid te zijn (artikel X 1 Kieswet). Alle andere functies mogen in principe gecombineerd worden met het raadslidmaatschap. Het hebben van nevenfuncties kan vaak een waardevolle bijdrage leveren aan ons werk als raadslid. We moeten er echter goed op letten dat de uitoefening van nevenfuncties geen belemmering vormt voor een goede vervulling van ons raadslidmaatschap. We voorkomen daarom dat onze nevenfuncties leiden tot (de schijn van) belangenverstrengeling. In sommige gevallen is het beter om een nevenfunctie op te zeggen of af te slaan. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan nevenfuncties die structureel tot belangenconflicten (zullen) leiden. Bij twijfel over het aanvaarden of aanhouden van een nevenfunctie overleggen we met de burgemeester of de griffier.

Rechtspraak bij dit artikel