Naar hoofdinhoud
Bij de beoordeling van een aanvraag van een vervoersvoorziening houdt het Wmo-loket rekening met: De eigen mogelijkheden van de cliënt en de hulp die hij van anderen kan krijgen; De mogelijkheid om gebruik te maken van het openbaar vervoer; De mogelijkheid om gebruik te maken van algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen; Het doel van het vervoer: De Wmo is bedoeld voor deelname aan het maatschappelijk leven van alledag zoals het doen van boodschappen, onderhouden en aangaan van sociale contacten, bezoeken van huisarts, kerk en sociale activiteiten. Wmo-voorzieningen zijn niet bedoeld voor vervoer naar sociale activiteiten als de cliënt al in aanvaardbare mate kan participeren in de samenleving. Wmo-voorzieningen zijn verder niet bedoeld voor enkel recreatieve verplaatsingen of vakantie. Op grond van de Wmo worden in principe geen vervoersvoorzieningen toegekend die vooral een therapeutisch doel dienen. De reisafstand naar de bestemming. De gemeente is niet verantwoordelijk voor vervoer naar bestemmingen buiten de regio; dat wil zeggen bestemmingen op meer dan 25 km van de woning. De specifieke situatie van de cliënt: de beperkingen, persoonskenmerken en de behoefte van de cliënt. De frequentie van de vervoersbehoefte: het Wmo-loket verwacht dat een incidentele vervoerbehoefte wordt opgelost met gebruikelijke hulp, hulp uit het sociale netwerk of algemene voorzieningen, zoals het gebruik van de Valleihopper zonder korting. Alleen een structurele vervoersbehoefte kan leiden tot het verstrekken van een maatwerkvoorziening. Dit geldt ook als de cliënt is aangewezen op (rolstoel)taxivervoer. Al aanwezige vervoermiddelen binnen het huishouden of eerder verstrekte Wmo-voorzieningen. Voorbeeld: Een cliënt met COPD krijgt een scootmobiel zodat zij zelfstandig boodschappen kan doen en voor bezoek aan vrienden. Haar partner vraagt ook een scootmobiel aan. Uit onderzoek blijkt echter dat zij voldoende gecompenseerd is als zij de scootmobiel van haar partner kan gebruiken. Omdat de voorziening gedeeld kan worden, wordt geen tweede scootmobiel verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel