Naar hoofdinhoud
Het Wmo-loket onderzoekt eerst wat de cliënt zelf nog kan doen. Daarbij gaat het om het benutten van eigen mogelijkheden, eventueel met hulpmiddelen die algemeen beschikbaar zijn. Voorbeelden zijn een digitale agenda, geheugensteuntjes via een app, een alarmsysteem of een planbord in huis. Met de cliënt wordt besproken welke mogelijkheden er zijn om zelf invulling te geven aan de dag. Denk aan deelname aan activiteiten in de wijk, vrijwilligerswerk of hobby’s die structuur en betekenis geven. Van de cliënt wordt verwacht dat hij deze eigen mogelijkheden zoveel mogelijk inzet. Kan de hulpvraag op eigen kracht worden opgelost, dan wordt geen maatwerkvoorziening toegekend.

Rechtspraak bij dit artikel