**1..** De vergunninghouder zorgt dat zijn servicegebieden en serviceplaatsen te allen tijde vallen binnen de door het college aangewezen toelaatgebieden als bedoeld in artikel 2:8, achtste lid, van de verordening.
**2..** De vergunninghouder zorgt dat het onmogelijk is voor gebruikers om een gebruikssessie te beëindigen wanneer het deelvoertuig zich bevindt buiten de toelaatgebieden als bedoeld in het eerste lid.
**3..** De vergunninghouder plaatst geen deelvoertuigen in toelaatgebieden waar het stallingsplafond bereikt is, als bedoeld in artikel 2:8, negende lid, van de verordening.
**4..** De vergunninghouder zorgt dat het onmogelijk is voor gebruikers om een gebruikssessie te beëindigen wanneer het voertuig zich bevindt binnen een toelaatgebied waar het stallingsplafond bereikt is, als bedoeld in artikel 2:8, negende lid, van de verordening.
**5..** Het college informeert de vergunninghouder bij een besluit tot wijziging van de aangewezen toelaatgebieden of stallingsplafonds ten minste tien werkdagen voor inwerkingtreding van deze wijziging.
Hoofdstuk 3
Artikel 3:3
Toelaatgebieden en stallingsplafonds
Onderdeel van Regeling deeltweewielers Den Haag 2026