**1..** Een ontheffing kan worden uitgebreid met een ontheffing om in het gebied te parkeren indien:
- - de aard van het vervoer of de werkzaamheden maakt dat de loopafstand tot de dichtstbijzijnde parkeervoorzieningen redelijkerwijs niet kan worden overbrugd, gelet op het gewicht, volume of de kwetsbaarheid van de te vervoeren goederen;
- - sprake is van een functionele verbondenheid tussen het voertuig en de werkzaamheden, doordat apparatuur of voorzieningen in het voertuig zijn ingebouwd en niet los van het voertuig kunnen worden gebruikt;
- - het voertuig noodzakelijk is voor de uitvoering van een wettelijke of publiekrechtelijke taak, waarbij directe aanwezigheid van het voertuig noodzakelijk is.
**2..** Een ontheffing wordt niet verleend wanneer alternatieve parkeervoorzieningen rond het gebied voldoende mogelijkheden bieden.
**3..** In de ontheffing als bedoeld in lid 1 wordt als voorwaarde opgenomen dat:
- - parkeren uitsluitend toegestaan is voor de duur die strikt noodzakelijk is voor de uitvoering van de betreffende activiteit;
- - het voertuig geen gevaar of onevenredige hinder mag veroorzaken voor voetgangers;
- - het voertuig uitritten en de doorgang voor hulpdiensten niet mag blokkeren.