Waar het laatste niet geval is volgt Omgevingsdienst Veluwe volgt na een overtreding de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Het uitgangspunt is dat de overtreding ongedaan wordt gemaakt en eventuele schade aan de fysieke leefomgeving wordt hersteld.
De omgevingsdienst heeft daarbij verschillende juridische instrumenten tot zijn beschikking. Bestuursrechtelijk zijn dat een last onder dwangsom (LOD), een last onder bestuursdwang (LOB), het opleggen van een bestuurlijke boete, sluiting, het tijdelijk stilleggen, het schorsen of intrekken van vergunningen of het uitoefenen van verscherpt toezicht. Bij een dreigende overtreding of een dreigende illegale situatie kan de omgevingsdienst, in bepaalde situaties waarin de overtreding zeer waarschijnlijk gaat plaatsvinden, een preventieve last onder dwangsom of bestuursdwang opleggen. Strafrechtelijk kunnen de boa's van de omgevingsdienst een Proces-Verbaal (PV) opmaken of een Bestuurlijke strafbeschikking milieu (BSBm) opleggen. De interventiematrix uit het LHSO geeft daarbij (samengevat) de volgende richtlijn bij de inzet van deze instrumenten.
Het handhavend optreden conform de LHSO bestaat uit een aantal stappen.
**1..** Het kwalificeren van een overtredingssituatie: de ernst van de gevolgen voor de fysieke leefomgeving én de typering van de overtreder (van 'goedwillend' tot 'crimineel'), op basis van het gedrag van de overtreder en het effect van de overtreding. Daarbij worden ook eventuele verzwarende aspecten meegewogen zoals de onomkeerbaarheid van de situatie, herhaalde overtredingen (recidive), financieel gewin door de overtreder, of andere strafbare feiten. De interventiematrix uit de LHSO is hierin leidend;
**2..** Het bepalen van de interventie: van 'aanspreken' of informeren tot inzet van bestuursrechtelijke of strafrechtelijke maatregelen. Hierbij geldt het uitgangspunt van subsidiariteit en proportionaliteit: de lichtste maatregel die effectief is, wordt ingezet. Daarbij wordt ook steeds beoordeeld of sprake is van bijzondere omstandigheden die eventueel maatwerk rechtvaardigen, mits dit voldoende gemotiveerd is;
**3..** Het bepalen of afstemming nodig is: het met het oog op een gecoördineerde aanpak waar nodig afstemmen van de interventie met andere handhavingspartners en instanties, zoals politie, OM, ILT, waterschap, NLA, NVWA of gemeenten en provincie;
**4..** Optreden en vastleggen: het vastleggen van de doorlopen stappen en besluiten. Dat wil zeggen van waarschuwingsbrief tot (het voornemen tot) het opleggen van de sanctie opleggen sanctie). Dit inclusief de motivering van de keuzes en maatregelen, conform het uitgangspunt van transparantie en rechtsgelijkheid.
Bij het opleggen van een sanctie volgt de omgevingsdienst de Leidraad handhavingsacties en begunstigingstermijnen (zoals gepubliceerd op www.iplo.nl) voor het bepalen van de hoogte van dwangsommen en begunstigingstermijnen.
De omgevingsdienst stelt prioriteiten in de handhaving. In lijn met de toetsingskaders voor de vergunningverlening en het toezicht heeft handhaving van ernstige risico's of (onherstelbare) schade hoge prioriteit. Een lage prioriteit wordt gegeven aan administratieve overtredingen en overtredingen met zeer klein risico of zeer beperkte schade. Verzwarende omstandigheden kunnen wel zijn het hebben begaan van overtredingen in het verleden, en klachten en/of handhavingsverzoeken.
Als een overheid(sdienst) in overtreding is wordt dezelfde lijn gevolgd als hiervoor beschreven.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.5
Handhaven
Onderdeel van Uitvoerings- en handhavingsstrategie Omgevingsdienst Veluwe