Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.4

Toezicht houden

Onderdeel van Uitvoerings- en handhavingsstrategie Omgevingsdienst Veluwe

Toezicht is belangrijk om zicht te houden op de naleving van wet- en regelgeving en om waar nodig (handhavend) op te treden. Het draagt bij aan het kunnen beoordelen van de effectiviteit van de uitvoering, kan de basis zijn voor een heroverweging van prioriteiten en geeft bij beleidsontwikkeling zicht op ontwikkelingen op bijvoorbeeld bedrijfsterreinen of in het buitengebied. Toezicht heeft daarnaast een belangrijke oor- en oogfunctie voor partners als politie (ondermijning), NVWA (dierenwelzijn), NLA of ILT (afvalstoffen) en voor gemeenten (bouw, RO of natuur). Goed naleefgedrag wordt beloond door betrouwbare bedrijven minder intensief te controleren en meer vertrouwen te geven, zodat zij zich kunnen blijven richten op verantwoord en duurzaam ondernemen. De uitvoering van het toezicht vindt op verschillende momenten en manieren plaats: Volgend op de verleende vergunning of ingediende melding; Programmatisch; Thematisch of projectmatig; Ad hoc controles naar aanleiding van meldingen, klachten, handhavingsverzoeken; Als vervolg op een eerdere controle of handhavingsbesluit; In de vorm van ketentoezicht; Als surveillance (vrije-veld toezicht); Toezicht met gebruik van nieuwe technieken zoals (drones) en kunstmatige intelligentie; Administratief. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma staat hoe het toezicht concreet wordt ingevuld. Controles kunnen integraal zijn of gericht op één of meerdere aspecten. Uitgangspunt van preventieve controles is dat deze integraal zijn. Bij de grote bedrijven kan het zijn dat een integrale controle over meerdere controlemomenten worden uitgesmeerd. Aspectcontroles kunnen bijvoorbeeld aan de orde zijn bij hercontroles of thematische controles. Daarnaast kunnen controles op locatie worden uitgevoerd, op afstand/administratief of door middel van ketentoezicht. Bijvoorbeeld ook waar gebruik gemaakt kan worden van meetgegevens. De dienst zal ook bekijken waar innovatie in het toezicht mogelijk is en loont, bijvoorbeeld door de inzet van AI of drones. De uitgangspunten bij het toezicht zijn samengevat als volgt: Inzetten op preventie: het geven van voorlichting, vroegtijdige signalering en het zichtbaar zijn bij het uitvoeren van toezicht; Risicogestuurd: de hoogste prioriteit qua controlefrequenties en diepgang van de controles ligt bij activiteiten met een hoog milieurisico. Daarbij worden factoren als eerder naleefgedrag, ligging, klachten, laatste controlebezoek meegewogen; Informatiegestuurd: analyse van toezichtresultaten gekoppeld aan overige bronnen worden gebruikt om beter zicht te krijgen op risico's en trends (outcomegericht). Dat inzicht draagt bij aan een verdere verfijning van een risicogestuurde aanpak; Uniform en transparant: controles worden uitgevoerd aan de hand van vaste protocollen en kwaliteitseisen en gelijke vallen worden ook gelijk behandeld; Samenhangend en samenwerkend: het toezicht gebeurt in samenhang met de andere taken van de omgevingsdienst en in samenwerking met de ketenpartners, gemeenten en provincie. Daarnaast is een belangrijk uitgangspunt dat de verantwoordelijkheid voor de naleving in eerste instantie bij de ondernemer ligt. Die zal dan ook altijd worden aangesproken op het naleefgedrag en het nakomen van de zorgplicht. Controles worden in principe altijd aangekondigd. Dit in verband met het aanwezig zijn van de juiste personen (leiding, milieucoördinator etc.) en documenten. Het aankondigen heeft ook een zekere preventieve werking omdat het bedrijven prikkelt zaken voor het controlebezoek op orde te hebben. Sommige controles zijn altijd onaangekondigd. Bijvoorbeeld hercontroles in het kader van een handhavingstraject of controles die betrekking hebben op een vermoeden van criminele handelingen6In zo’n geval zal een controle in de regel samen met de politie en OOV worden uitgevoerd. (lozingen etc.). De prioriteiten in het toezicht (hoe vaak en hoe diepgaand controleren?) worden bepaald op basis van een omgevings- en risicoanalyse. Die gaat uit van potentiële milieurisico's, naleefgedrag, ligging, klachten, laatste controle etc.. Deze wordt de komende jaren doorontwikkeld en verfijnd zodat uiteindelijk op locatieniveau een risicoprofiel kan worden opgesteld. De prioriteiten worden jaarlijks in het uitvoeringsprogramma gespecificeerd of bijgesteld. Bijvoorbeeld op basis van nieuwe inzichten, ontwikkelingen (beleid, wetgeving, samenleving) of ervaringen uit het toezicht in het jaar ervoor. Bij een controle wordt getoetst aan: 1.. Algemene wettelijke kaders; 2.. Vergunningen en maatwerkvoorschriften; 3.. Algemene zorgplicht; 4.. Specifieke milieuthema's (afhankelijk van het type bedrijf of activiteit); 5.. Administratieve verplichtingen; 6.. Naleefgedrag en historie; Bij een overtreding weegt de toezichthouder de ernst van de overtreding én de reden van de overtreding af. Niet of onvoldoende naleven kan een bewuste keuze zijn van degene die wordt gecontroleerd, maar kan ook een gevolg zijn van het onvoldoende kennen van de regels. Het uitvoeren van een controle is een gelegenheid om waar nodig aanvullende voorlichting te geven. Waar mogelijk wordt erop aangestuurd dat de overtreding vrijwillig ongedaan gemaakt wordt.

Rechtspraak bij dit artikel