Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 2.

Onderwerp en doelstelling participatieverordening

Onderdeel van Participatieverordening gemeente Heeze-Leende 2026

1.. Deze verordening heeft als doel de participatie te regelen en daarmee: de kwaliteit van lokale democratische processen te vergroten; de besluitvorming en het eindresultaat van beleid te verbeteren; de samenwerking tussen gemeente en inwoners, ondernemers, maatschappelijke partijen en andere belanghebbenden te versterken; helderheid te scheppen over het participatieproces; de rol van het college van burgemeester en wethouders, de gemeenteraad en de burgemeester bij het participatieproces vast te leggen. 2.. Deze verordening regelt verschillende vormen van participatie in de gemeente Heeze-Leende en maakt daarbij onderscheid tussen: inwonersparticipatie: de manier waarop het bestuursorgaan de inwoners- en inwonerscollectieven, ondernemers en maatschappelijke partijen betrekt bij de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van gemeentelijk beleid; overheidsparticipatie: de manier waarop het bestuursorgaan de initiatieven van inwoners of maatschappelijke partijen faciliteert, ondersteunt of daaraan deelneemt; uitdaag mogelijkheid: de manier waarop maatschappelijke partijen zoals omschreven in artikel 1 lid j en m, gebruik kunnen maken van het uitdaagrecht en bepaalde taken van de gemeente kunnen overnemen; participatie bij de gemeentelijke kern-instrumenten van de Omgevingswet waarbij de gemeente als initiatiefnemer verantwoordelijk is voor de participatie. 3.. Het bestuursorgaan past participatie volgens deze verordening toe in alle beleidsdomeinen van gemeentelijk handelen; 4.. Elk bestuursorgaan besluit: ten aanzien van zijn eigen beleid, bevoegdheden en taken of inwonersparticipatie plaatsvindt en op welke wijze en in welke mate dat gebeurt; ten aanzien van zijn eigen beleid, bevoegdheden en taken of overheidsparticipatie wordt toegepast in de vorm van facilitering en ondersteuning van inwoners- of maatschappelijke initiatieven; ten aanzien van zijn eigen taken of om toepassing van het uitdaagrecht kan worden verzocht; ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden, op welke wijze en in welke mate, participatie plaatsvindt bij de voorbereiding van het vaststellen of wijzigen van de gemeentelijke omgevingswet-instrumenten: omgevingsvisie, omgevingsplan en programma’s. 5.. Het bestuursorgaan past de participatie toe volgens het vastgestelde participatiebeleid bij de voorbereiding van het wijzigen of vaststellen van de kern-instrumenten van de Omgevingswet: de omgevingsvisie als bedoeld in artikel 3.1 van de Omgevingswet; het omgevingsplan als bedoeld in artikel 2.4 van de Omgevingswet; een programma als bedoeld in artikel 3.4 van de Omgevingswet. 6.. Bij het toepassen van lid 5, neemt het bestuursorgaan de motiveringsplicht als bedoeld in de artikelen 10.7, 10.2 en 10.8 van het Omgevingsbesluit in acht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel