**1..** Na de opening van de vergadering kunnen aanwezige burgers het woord voeren over geagendeerde onderwerpen.
**2..** Het spreekrecht kan niet worden uitgeoefend:
- - over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep openstaat of heeft opengestaan;
- - over personen;
- - indien een klacht als bedoeld in artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht aanhangig is of kan worden gemaakt;
- - over procedurevoorstellen;
- - over een interpellatievoorstel als bedoeld in artikel 29 van dit reglement.
**3..** Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit voor aanvang van de vergadering aan de griffier, onder vermelding van naam en het onderwerp waarover het woord wordt gevoerd.
**4..** De voorzitter verleent het woord in volgorde van aanmelding. De voorzitter kan hiervan afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering.
**5..** Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. Indien meerdere burgers zich hebben aangemeld, kan de voorzitter de spreektijd evenredig verdelen.
**6..** Het spreekrecht voor burgers bedraagt gezamenlijk maximaal dertig minuten per vergadering. De voorzitter verdeelt deze tijd evenredig over de aangemelde sprekers.
**7..** Na afloop van de bijdrage van een burger kan de voorzitter of een raadslid een voorstel doen voor de verdere behandeling van de inbreng.