In het besluit tot verlenen van een omgevingsvergunning vermeldt het college in ieder geval de volgende informatie:
Het adres van de woning met bijwoning met zelfstandige voorzieningen waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft;
De eventuele voorwaarden en voorschriften die aan de omgevingsvergunning zijn verbonden;
De overweging dat de ‘bijwoning met zelfstandige voorzieningen’ ondergeschikt is aan de hoofdwoning en er geen sprake is van een zelfstandige woning;
De instandhoudingstermijn van maximaal 15 jaren na het onherroepelijk worden van het besluit;
De verplichting tot het verwijderen van de woonvoorzieningen na verloop van de in de vergunning opgenomen termijn;
De verwijzing naar een eventueel toegekende huisnummerbesluit.