Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Subsidieplafond

Onderdeel van Subsidieregeling peuteropvang gemeente Westervoort 2026

1.. Voor reguliere peuters geldt een jaarlijks subsidieplafond van € 91.917. 2.. Als het subsidieplafond voor reguliere peuters wordt overschreden, wordt subsidie onder kinderopvangaanbieders verdeeld naar rato van het financiële marktaandeel voor subsidie voor reguliere peuters in de maanden januari t/m september voorafgaand aan het betreffende jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd (te verifiëren via de Peutermonitor). 3.. Indien een organisatie voor het eerst subsidie aanvraagt, wordt voor de berekening van het relatieve financiële marktaandeel uitgegaan van een bedrag van € 4.500 per VE-groep (berekend over de eerste drie kwartalen). Dit bedrag is gebaseerd op het gemiddelde subsidiebedrag voor reguliere niet-KOT peuters per VE-groep over 2024. 4.. Indien een organisatie het aantal VE-groepen uitbreidt, wordt voor de berekening van het relatieve financiële marktaandeel uitgegaan van een bedrag van € 4.500 per nieuwe VE-groep (eveneens berekend over de eerste drie kwartalen). Indien een nieuwe VE-groep reeds gedurende het voorafgaande kalenderjaar is gestart, wordt het extra bedrag van € 4.500 naar rato toegepast, overeenkomstig het aantal kwartalen waarin de betreffende VE-groep nog niet operationeel was binnen de eerste drie kwartalen van dat jaar. 5.. Voor de subsidie zoals bedoeld in artikel 7 geldt een jaarlijks subsidieplafond van € 41.970,00. Als het subsidieplafond voor subsidie zoals bedoeld in dit artikel wordt overschreden, wordt de beschikbare subsidie evenredig verdeeld onder het aantal zware doelgroep-locaties, tenzij het college besluit dat er alsnog ruimte beschikbaar komt binnen het subsidieplafond.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel