Naar hoofdinhoud
In dit artikel worden giften met een specifieke bestemming beschreven waarvan de gemeente oordeelt dat het vanuit het oogpunt van bijstandsverlening verantwoord is. Deze situaties zijn niet limitatief bedoeld. Ook kunnen specifieke giften die bijvoorbeeld betrekking hebben op de doelstellingen van de Jeugdwet en de Wet Maatschappelijke ondersteuning (WMO) leiden tot een aanvullende vrijlating. Dit zal een individuele beoordeling zijn. De vrijlating op individuele gronden (artikel 31 lid 2 onder s) geldt niet voor kostenbesparende bijdragen als bedoeld in artikel 18, acht lid van de wet. Lid 1 en 2 Giften voor kosten waarvoor bijzondere bijstand mogelijk is worden niet gerekend tot de middelen waarmee bij de bijstand rekening wordt gehouden. Dit is ook het geval als de bijzondere bijstand tot een bepaald bedrag de kosten vergoedt en de gift hoger is. Als er geen bijzondere bijstand mogelijk is, maar de kosten wel als noodzakelijk of wenselijk kunnen worden aangemerkt, kan de gift eveneens worden vrijgelaten, mits dit maar niet leidt tot verhoging van de levensstandaard. Dit is bijvoorbeeld het geval als de bijstandsgerechtigde een gift ontvangt voor het aanschaffen van een noodzakelijk hulpmiddel, bijvoorbeeld een scootmobiel, of als het gaat om medische kosten die uit bijstandsoogpunt als niet noodzakelijk worden aangemerkt, maar wel als wenselijk. Lid 3 De wet biedt maar beperkte mogelijkheden tot bijstandsverlening in schulden. Echter, het hebben van problematische schulden is in algemene zin een belemmering in het sociaal functioneren. Als een derde hierin de bijstandsgerechtigde tegemoet wil komen door een gift, die is bedoeld voor betaling van de problematische schulden, dan wordt die gift in beginsel niet als middel in aanmerking genomen. Het artikel geldt alleen voor schulden die voor aanvang van de bijstandsverlening zijn gemaakt. Tijdens de bijstand gemaakte schulden aflossen met een gift zou feitelijk betekenen dat de belanghebbende een suppletie boven de bijstandsnorm krijgt, waardoor de belanghebbende in een financieel betere positie komt, dan een belanghebbende die tijdens de bijstand geen schulden maakt. De gemeente zou hiermee de indruk kunnen wekken aan inkomenspolitiek te doen. Lid 5 Ook giften in natura kunnen als middel bij de bijstandverlening betrokken worden. Gaat het om giften in natura voor kosten waarin de algemene bijstand voorziet, dan kunnen die als kostenbesparende bijdragen worden aangemerkt en moet beoordeeld worden of deze leiden tot afstemming van de algemene bijstand. Andersoortige giften in natura (bijv. een antieke klok) kunnen als middel in aanmerking worden genomen als het om zaken gaat die in redelijkheid te gelde gemaakt kunnen worden. In onderdeel d zijn daaraan grenzen gesteld. Lid 6 De overbruggingsuitkering betreft 1 maal de maandnorm exclusief vakantiegeld minus het saldo op de bankrekeningen op de datum van de aanvraag. Lid 7 Door het onverplicht karakter is er voldoende reden om onverplichte verstrekkingen van werkgevers aan werknemers buiten beschouwing te laten. Veelal gaat het om onbelaste giften met beperkte financiële waarde. Te denken valt bijvoorbeeld aan een kerstpakket, tegoedbonnen of een bedrag met de kerst, etc.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel