Naar hoofdinhoud

Artikel 8.1

Pgb-vaardigheid

Onderdeel van Verordening jeugdhulp Midden-Delfland 2026

1.. Om aan de voorwaarden voor pgb-vaardigheid te voldoen, dient de beoogd budgethouder – al dan niet met hulp vanuit het sociaal netwerk of een budgetbeheerder – in ieder geval: een duidelijk beeld te hebben van de hulpvraag; op de hoogte te zijn van de regels en verplichtingen van het pgb, of deze zelfstandig te kunnen vinden; een overzichtelijke pgb-administratie te kunnen voeren; voldoende vaardig te zijn in de Nederlandse taal om te communiceren met gemeente, SVB en zorgverleners; zelfstandig en onafhankelijk een zorgverlener te kunnen kiezen; in staat te zijn afspraken vast te leggen en te verantwoorden aan het college; te kunnen beoordelen of de geleverde hulp passend en kwalitatief goed is; zorginzet te kunnen organiseren en coördineren, ook bij ziekte of verlof; als opdrachtgever zorgverleners aan te sturen en aan te spreken op functioneren; en te beschikken over voldoende kennis over het werk- of opdrachtgeverschap, of in staat zijn deze te verwerven. 2.. Het college acht de budgethouder of budgetbeheerder in beginsel niet pgb-vaardig als: Hij niet tevens uitvoerder is van de ondersteuning die met het pgb wordt ingekocht of geen financiële relatie heeft met de uitvoerder van de ondersteuning, tenzij dit gezien de situatie van de cliënt of jeugdige, de aard van de ingekochte ondersteuning en de waarborgen waarmee een verantwoorde besteding en verantwoording van het pgb is omgeven, naar het oordeel van het college passend wordt bevonden; sprake is van één of meer van de volgende omstandigheden: schuldenproblematiek; ernstige verslavingsproblematiek; fraude binnen vier jaar voorafgaand aan de aanvraag; aanmerkelijke verstandelijke beperking; ernstig psychiatrisch ziektebeeld; blijvende cognitieve stoornis; onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal; geen geldige Verklaring Omtrent het Gedrag kan worden overlegd.

Rechtspraak bij dit artikel