Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.3

De bouwsteen als vrijwillig programma

Onderdeel van Nota Ruimte voor het Landschap 2026

Het programma dat in deze nota centraal staat, heeft in tegenstelling tot de beschreven verplichte programma’s, een vrijwillig karakter. De gemeente besluit zelf of zij een dergelijk vrijwillig programma wil opstellen en heeft daarvoor geen grondslag in de wet nodig. Het vrijwillige programma waar het hier verder over gaat voldoet aan de beschrijving van artikel 3.5 Omgevingswet. Dat wil zeggen, dat het een uitwerking is van het te voeren beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud een of meer onderdelen van de fysieke leefomgeving. Het programma verduidelijkt hoe de gemeente bij voorkeur invulling geeft aan de ambities en opgaven die de omgevingsvisie stelt. Programma’s in de gemeente Uithoorn zijn gebiedsgericht of themagericht. Het programma dat in deze nota centraal staat is gebiedsgericht. In het programma ligt integraliteit van beleid minder voor de hand dan in de omgevingsvisie, wat niet wil zeggen dat een programma geen strategie kan bepalen voor de uitvoering. Een programma kan meer doelgericht zijn dan de visie en sluit zo beter aan bij de regelgeving op het terrein van het omgevingsrecht die ook onder de Omgevingswet nog steeds sterk is onderworpen aan doelvereisten. De doorwerking van de visie in regels voor de fysieke leefomgeving die voor iedereen juridisch bindend zijn, vindt plaats in het omgevingsplan. In tegenstelling tot het plan, zijn de visie en het programma uitsluitend bindend voor het vaststellende bestuursorgaan en dus niet voor de burger. Wel zal een initiatief van een burger eerder vergund worden als het past binnen het beleid van de gemeente.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel