Het college kan afzien van terugvordering indien, na toetsing van het ontstaan van de vordering, blijkt dat:
de belanghebbende verkeert in een structureel problematische schuldsituatie;
terugvordering naar verwachting leidt tot ernstige financiële en/of maatschappelijke gevolgen;
en er geen sprake is van opzet, fraude of andere uitsluitingsgronden zoals genoemd in lid 2.
Afzien van terugvordering is niet mogelijk indien:
de vordering wordt gedekt door pand of hypotheek op een goed of goederen;
voor inning van de vordering dwangincasso heeft plaatsgevonden;
de vordering het gevolg is van een boete die is opgelegd wegens schending van de inlichtingenplicht;
sprake is van opzet of grove schuld bij het ontstaan van de vordering;
de belanghebbende herhaaldelijk tekortschiet in het nakomen van verplichtingen die voortvloeien uit de wet of beleidsregels;
de terugvordering betrekking heeft op middelen die zijn ontvangen terwijl de belanghebbende wist of had kunnen weten dat hier geen recht op bestond;
er sprake is van strafrechtelijke feiten die verband houden met het ontstaan van de vordering.
Paragraaf 2.2. Invordering
Artikel 6: Afzien van terugvordering
Artikel 6: Afzien van terugvordering
Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering PW, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 gemeente Gennep 2026