**1..** De burgemeester stelt de betrokkene aan wie een gebiedsontzegging op grond van artikel 2:40 APV, een gebieds- en groepsverbod op grond van artikel 172a Gemeentewet en een bevel op grond van artikel 172b wordt opgelegd, in de gelegenheid mondeling of schriftelijk zijn zienswijze kenbaar te maken overeenkomstig artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
**2..** De burgemeester kan de mogelijkheid tot het geven van een zienswijze op het voornemen tot het opleggen van een gebiedsontzegging op grond van artikel 2:40 APV, een gebieds- en groepsverbod op grond van artikel 172a Gemeentewet en een bevel op grond van artikel 172b achterwege laten indien naar zijn oordeel artikel 4:11 Awb van toepassing is.
**3..** Indien een gebiedsontzegging op grond van artikel 2:40 APV in de directe nabijheid van een horecabedrijf of op of rondom een evenement in de openbare ruimte aan de betrokkene wordt opgelegd, wordt een zienswijze vastgelegd op het modelbesluit zoals opgenomen in Bijlage 2.
**4..** Indien de betrokkene kan aantonen dat hij een redelijk belang heeft om zich op een bepaalde plaats in het gebied op te houden, neemt de burgemeester in het besluit een route op. Het is de betrokkene in dat geval uitsluitend toegestaan de locatie via deze route te bereiken.
**5..** De betrokkene toont zelf aan dat sprake is van een redelijk belang om zich binnen het gebied op te houden. Dit betreft doorgaans belangen in de persoonlijke sfeer, zoals wonen, werken of het bezoeken van een huisarts, advocaat of hulpverleningsinstantie.