**1..** De gemeente voert een Bibob-toets uit:
bij voorgenomen overheidsopdrachten als bedoeld in de Aanbestedingswet 2012 gericht op zorg, zoals bedoeld in artikel 2.11 van de Jeugdwet of artikel 2.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Onder overheidsopdracht wordt mede verstaan een overeenkomst waarmee een rechtspersoon met een overheidstaak zorg als bedoeld in de Jeugdwet of de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 inkoopt bij een ondernemer in het kader van een systeem waarbij voornoemde rechtspersoon overeenkomsten sluit met iedere ondernemer die zich ertoe verbindt om diensten of goederen te leveren tegen vooraf vastgestelde voorwaarden zonder dat het aantal belangstellende ondernemers aan de hand van een gunningscriterium wordt beperkt (open-house constructie);
bij andere, dan de onder a bedoelde, voorgenomen overheidsopdrachten als bedoeld in de Aanbestedingswet 2012, mits sprake is van een vermoeden dat sprake is van feiten en omstandigheden die reden kunnen zijn voor de toepassing van de artikelen 2.86 tot en met 2.89 van de Aanbestedingswet 2012 dan wel van een vermoeden dat een gegadigde of onderaannemer wordt gefinancierd met uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen, dan wel van een vermoeden dat er sprake is van gevaar dat een gegadigde, indien de overheidsopdracht aan hem zou worden gegund, of de onderaannemer bij de uitvoering van die opdracht, strafbare feiten zal plegen.
na het sluiten van een overeenkomstdie ziet op een overheidsopdracht als bedoeld onder a of b,indien sprake is van een vermoeden dat sprake is van feiten en omstandigheden die tijdens de aanbestedingsprocedure reden zouden zijn geweest voor de toepassing van de artikelen 2.86 tot en met 2.89 van de Aanbestedingswet 2012, dan wel van een vermoeden dat de contractant of onderaannemer wordt gefinancierd met uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen, dan wel van een vermoeden dat er sprake is van gevaar dat een contractant of de onderaannemer bij de uitvoering van die opdracht, strafbare feiten zal plegen.
**2..** De Bibob-toets zal bij opdrachten, als bedoeld in het eerste lid onder a, in beginsel geen betrekking hebben op de (wijze van) financiering van de onderneming en van de opdracht en op de vermogensverschaffers. Mocht de (beperkte) Bibob-toets echter aanleiding daartoe geven, dan zal de toets uitgebreid worden naar de (wijze van) financiering en vermogensverschaffers.
**3..** In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan besloten worden om de Bibob-toets ten aanzien van overheidsopdrachten als genoemd in het eerste lid niet uit te voeren, als de aanbestedingsprocedure, dan wel toelatingsprocedure, door een andere gemeente (mede) namens de gemeente Landgraaf wordt uitgevoerd en die andere gemeente op grond van haar beleid geen Bibob-toets verricht met betrekking tot de betreffende overheidsopdracht.
**4..** Het vermoeden, bedoeld in het eerste lid, onder b en c, wordt gebaseerd op:
eigen ambtelijke informatie en/of;
informatie afkomstig van een of meerdere partners binnen het samenwerkingsverband RIEC en/of;
informatie verkregen van het OM, van een ander bestuursorgaan of van een rechtspersoon met een overheidstaak zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob en/of;
informatie verkregen van het LBB zoals bedoeld in de artikelen 11 of 11a van de Wet Bibob.
**5..** In aanbestedingsleidraden met betrekking tot opdrachten als bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt opgenomen dat een onderaannemer niet zonder toestemming van de gemeente mag worden gecontracteerd en, met het oog op diens acceptatie, een Bibobonderzoek wordt verricht. Het tweede en derde lid zijn ten aanzien van die Bibob-toets van overeenkomstige toepassing. In aanbestedingsleidraden met betrekking tot andere opdrachten dan bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt opgenomen dat een onderaannemer niet zonder toestemming van de gemeente mag worden gecontracteerd en dat de gemeente zich het recht voorbehoudt om een Bibobonderzoek te verrichten.
**6..** In overeenkomsten met betrekking tot een overheidsopdracht wordt een integriteitsclausule opgenomen, die het mogelijk maakt om de overeenkomst op te schorten, te beëindigen of te ontbinden, indien er sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 9, tweede lid, Wet Bibob dan wel indien de contractant weigert vragen te beantwoorden die zijn gesteld op grond van artikel 7a, derde lid of artikel 12, derde lid, van de Wet Bibob.
Hoofdstuk
Artikel 3:2
Toepassingsbereik bij overheidsopdrachten
Onderdeel van Beleidsregels Wet Bibob gemeente Landgraaf 2026